Werk herhalen met lussen · oefening
Tel met range()
Tot nu toe liep elke for-lus door iets dat al bestond, zoals een lijst of string. Soms is er geen verzameling om te verwerken. Je wilt gewoon een reeks getallen.
Python’s range() levert gehele getallen waar een lus doorheen kan lopen:
De lus drukt vijf getallen af: 0, 1, 2, 3 en 4.
Begin bij nul en stop vóór het einde
Met één argument betekent range(5): ‘lever vijf getallen op, beginnend bij nul’. Het argument is de stopwaarde. Het tellen eindigt vóór die waarde, dus 5 telt niet mee.
Je hebt dezelfde stopregel gezien bij slices van strings en lijsten: het begin telt mee en het einde niet. Daardoor is het aantal opgeleverde waarden voorspelbaar.
Kies waar het tellen begint
Geef range() twee argumenten als het tellen ergens anders dan bij nul moet beginnen:
Het eerste argument is het begin en het tweede het einde. Het begin telt mee, dus het eerste jaar is 2021. Het einde telt niet mee, dus het laatste jaar is 2024.
Je kunt range(2021, 2025) lezen als ‘begin bij 2021 en ga door zolang het getal nog onder 2025 ligt’.
Welke getallen levert range(2, 6) op?
Verzamel een eenvoudige range
De editor bevat een lege lijst numbers. Loop over range(count) en voeg elk opgeleverd getal toe, zodat je precies ziet waar de range begint en eindigt.
Opdracht
Maak het programma af.
Loop over
range(count)metnumberals lusvariabele.Voeg elke
numbertoe aannumbers.Behoud de laatste regel
print(numbers).
Bij count = 6 moet het resultaat zes getallen bevatten, beginnend bij nul. Schrijf de getallen niet met de hand in de lijst.